Sportblessures

 

Inleiding

Ongevalblessures

Overbelastingsblessures

 

Inleiding

Blessures maken dat mensen minder positief gaan denken over sport en bewegen. Voor wie niet wil bewegen, vormen zij een dankbaar alibi. Dit is jammer en onterecht.

De kosten in onze samenleving die worden veroorzaakt door blessures zijn veel kleiner dan de kosten die worden veroorzaakt door het ziekteverzuim door bewegingsarmoede.

Dit neemt niet weg dat blessures erg vervelend zijn, alleen al omdat ze een hinderlijke onderbreking geven van het sporten. Daarom is het belangrijk om te proberen blessures te voorkomen. En gelukkig kan ook de niet-topsporter veel doen om de kans op blessures te verkleinen.

 

Welke soorten blessures zijn er?

 

·        Ongevalblessures,

·        Overbelastingsblessures.

 

Ongevalblessures:

 

Het risico hierop is het grootst bij teamsporten. Dit geldt vooral voor handbal, voetbal en hockey, zeker als dit in de zaal wordt gespeeld.

Hieronder vindt u een top-5 van het jaarlijks aantal nieuwe gevallen per tak van sport.

 

  1. Zaalhandbal
  2. Zaalvoetbal
  3. Veldhockey
  4. Karate/taekwondo
  5. Veldvoetbal

 

 

Voorkomen van ongevalblessures:

 

Goed materiaal

Vooral goede schoenen en dan m.n. goede zolen kunnen een redding zijn voor knieën en enkels. Lange noppen die in het gras blijven steken of schoenen waarop in de zaal niet kan worden gedraaid, zijn riskant en hebben bij menig voetballer geleid tot een vernieling van de binnenste meniscus. Heel veel enkelbanden zijn gesneuveld op schoenen met smalle zolen op een hard en hobbelig veld. Daarom ook, verdient de ondergrond waarop wordt gespeeld veel aandacht.

Het goed kunnen omgaan met het materiaal is ook van groot belang. Over vallen en uit de bocht vliegen kunnen wielrenners u alles vertellen!

 

Een goede trainingsopbouw:

Ga pas het veld op voor een partijtje wanneer u uw conditie heeft bijgewerkt. Doe dan eerst wat rustige trainingspartijtjes voordat u er vol tegenaan gaat. Speel niet langer dan uw conditie u toelaat. Houd rekening met de ledematen van uzelf en van uw tegenstander.

 

Een goede voorbereiding op de wedstrijd:

Zorg dat u uitgerust bent. Zorg dat u voldoende heeft gegeten en gedronken. Doe een warming-up van 10-20 minuten, maar wees voorzichtig met rekken.

Het staat zeker niet vast dat rekken zinvol is voor uw lenigheid of ter voorkoming van blessures. Het staat zeker wel vast dat je er spieren mee kunt scheuren, vooral bij vermoeidheid. Wie de spieren rekt komt de eerste 10-20 minuten niet tot zijn maximale spierkracht!!!

 

 

Wat te doen bij een ongevalblessure:

 

Neem contact op met uw huisarts voor adviezen en eventuele behandeling. Indien nodig kan de huisarts u doorverwijzen naar een (sport)fysiotherapeut of een sportarts.

 

 

Overbelastingsblessures

 

Blessures door overbelasting ontstaan meestal geleidelijk. Het lichaam is niet voldoende voorbereid op de belasting of er is sprake van een verkeerde belasting.

 

Voorbeelden zijn:

·        Knieblessures (lopers en fietsers)

·        Onderbeensblessures: shin-splint, compartimentsyndroom  (lopers)

·        Liesblessures (lopers, fietsers, voetballers)

·        Schouderletsels (zwemmers, tennissers)

·        Tenniselleboog

·        achillespeesblessures

 

Niet voldoende voorbereid

Er kunnen een aantal redenen zijn waarom het lichaam niet voldoende is voorbereid:

  • Het lichaam is onvoldoende getraind
  • Er is een verkeerde trainingsopbouw
  • Er is een eenmalige, te zware belasting
  • De sport die wordt beoefend is minder geschikt voor de persoon

 

Het menselijk lichaam heeft veel tijd nodig om zich in te stellen op belasting die groter is dan het gewend is. Een sporter wil zo snel mogelijk resultaten zien van zijn/haar inspanningen en heeft dikwijls niet het geduld om op de aanpassingen van het lichaam te wachten.

Daarom kan training het beste gebeuren volgens een tevoren bedacht plan (trainingsschema). Dit niet alleen ter voorkoming van blessures maar ook voor een zo groot mogelijk rendement.

Training geeft vele vormen van aanpassing door het lichaam. Het zijn vooral de aanpassingen in het bewegingsapparaat die moeten zorgen dat spieren en pezen de last van de training en wedstrijd kunnen dragen.

Vooral beginnende sporters zijn kwetsbaar. Zij hebben onvoldoende ervaring met het belasten van hun lichaam en hebben meer moeite met het signaleren van waarschuwingen in de vorm van pijn.

 

Soms is een bepaalde persoon door lichamelijke kenmerken gevoelig voor blessures bij een bepaalde tak van sport. Dit geldt bijvoorbeeld voor mensen die zwaar zijn gebouwd en gaan hardlopen. De kans op blessures neemt bij hardlopen vrijwel evenredig toe met het lichaamsgewicht. Iemand die gaat bewegen omdat hij/zij te zwaar is kan dan ook beter gaan fietsen, zwemmen of stevig wandelen.

 

 

Een verkeerde belasting

Dit kan worden veroorzaakt door:

  • Slecht materiaal of een foute afstelling
  • Fouten in training en techniek

 

Slecht materiaal kan betekenen dat het materiaal niet past. Dit kan gelden voor bijvoorbeeld loopschoenen, het handvat van een racket of een fiets. Een deskundig advies bij de aanschaf is hierbij van groot belang. Dit geld ook voor het op tijd vernieuwen van het materiaal.

De kans op problemen is zeer groot wanneer een racefiets verkeerd is afgesteld. Meestal betreft dit overigens de zadelhoogte. Ga bij bijvoorbeeld een knie of liesblessure bij een deskundige fietsenspecialist langs voor een advies.

 

Lopers dienen het lopen op een harde ondergrond het liefst af te wisselen met het lopen op zachte bodem. Zij moeten er voor waken om niet steeds aan dezelfde kant van de weg te lopen. Ook bij tennissers, werpers en zwemmers vormen techniekfouten een groot risico.

 

 

Hoe waarschuwt ons lichaam ons?

 

Wanneer een peesletsel zich ontwikkeld dan zijn er een aantal stadia te onderscheiden:

 

Stadium 1: Pijn en stijfheid na het sporten die na een aantal uren verdwijnt.

Stadium 2: Pijn bij starten die tijdens het sporten verdwijnt en aan het eind van de belasting weer terugkomt.

Stadium 3: Pijn tijdens en na het sporten die alleen verdwijnt na langdurige rust.

Stadium 4: Pijn die niet meer verdwijnt.

Stadium 5: Verscheuring.

 

Hoe sneller wordt ingegrepen d.m.v. rust, des te korter zal het herstel duren. Het is van groot belang dat dit gebeurt voordat stadium 3 wordt bereikt. Wordt stadium 3 of hoger wel bereikt dan kan het herstel soms maanden duren.

 

 

Wat te doen bij een overbelastingsblessure?

 

Activiteiten waarbij de pijn optreedt dienen onmiddellijk te worden gestopt. Wel is het van belang om door te gaan met activiteiten die u zonder pijn kunt uitvoeren. Hiermee kunt u uw conditie, spierkracht en vaardigheden op peil houden zodat u na het genezen van de blessure weer snel uw oude niveau kunt bereiken. Zo kan zwemmen of fietsen een goede manier zijn om in conditie te blijven voor iemand met een hardloopblessure.

 

Neem contact op met huisarts of fysiotherapeut voor adviezen.

Terug naar boven